Publicaties en Beeld

ICT is een betrouwbare en accurate bron van informatie over Tibet.

Home  >  Publicaties & Beeld  >  Kernthema's  >  Herhuisvesting van Nomaden in Tibet  
   

Herhuisvesting van Nomaden in Tibet

INTERNATIONAL CAMPAIGN FOR TIBET
www.savetibet.nl

"Nomaden blijven buiten het bereik van de staat. Hun economische zelfstandigheid, mobiliteit en hun traditionele en religieuze kijk op het leven maken hen tot de moeilijkste mensen om te integreren in de Chinese staat."
-    Een Tibetaanse ex-nomade, zoals geciteerd in ICT-rapport, "Tracking the Steel Dragon", beschikbaar onder [1]

De Nomadische levensstijl in Tibet is een van de laatste voorbeelden in de wereld van duurzame veeteelt. Eeuwenlang hebben Tibetaanse nomadische herders op duurzame wijze in hun onderhoud voorzien, op een unieke wijze aangepast aan de barre omstandigheden van het Tibetaanse plateau. Naar schatting 2.250.000 Tibetaanse nomaden leven op dit plateau, met hun kuddes yaks, schapen en geiten migrerend op basis van de seizoenen van het jaar, terwijl ze wol, boter, kaas, yoghurt en vlees produceren (volgens de China Development Brief van mei 2006).

De uitvoering van het Chinese beleid om Tibetaanse nomaden in steden en dorpen te herhuisvesten en om de graslanden te omheinen, bedreigt echter zowel het voortbestaan van een manier van leven die een integraal deel uitmaakt van de Tibetaanse identiteit, als de mogelijkheid van Tibetaanse nomaden om in hun levensonderhoud te voorzien. In tegenstelling tot de aangegeven bedoeling van dit beleid om weidegronden te conserveren, vormt het juist een verdere bedreiging voor het voortbestaan van de natuurgebieden en de unieke biodiversiteit van het kwetsbare hooggelegen landschap.

Sinds het begin van de Western Development Strategy in 1999-2000 is de Chinese regering bezig geweest met de uitvoering van haar beleid van hervestiging, confiscatie van land, en omheining van voornamelijk door Tibetanen bewoonde pastorale gebieden. Daardoor worden hun traditionele middelen van bestaan drastisch ingeperkt. Er werd van honderdduizenden Tibetaanse nomaden geëist om hun vee te doden, te verhuizen naar nieuw gebouwde woon-kolonies in of nabij steden, en hun traditionele manier van leven achter te laten. Volgens de Amerikaanse Congressional Executive Commission on China, zou in 2010 het totale aantal Tibetanen dat naar nieuwe woningen is verplaatst geschat kunnen worden op ongeveer 1,14 miljoen, meer dan de helft van het totale aantal Tibetaanse plattelandsbewoners in de Tibetaanse Autonome Regio ten tijde van de volkstelling van 2000. (Voor het volledige CECC rapport, zie: 2007 CECC Jaarverslag beschikbaar op www.cecc.gov.)

De bedoeling van de Western Development Strategy is om voorwaarden te scheppen die bevorderen dat arme landarbeiders naar steden en gemeenten verhuizen, waar ze ogenschijnlijk werknemers en consumenten moeten worden in een nieuwe, 'moderne' economie. Tibetanen die geherhuisvest worden, moeten echter vaak schulden aangaan — zonder zekere toekomstige middelen van bestaan, omdat ze vaak hun veestapel hebben verloren — om te betalen voor een deel van de kosten van huisvesting of voor het hekwerk dat de graslanden moet verdelen en omsluiten. Sommige nomaden wordt een compensatiepakket aangeboden wanneer ze hergevestigd zijn, maar zonder weidegronden en met te verwaarlozen vooruitzichten op een baan in een door Chinezen gedomineerde economie is hoe lang de compensatie duurt voor veel van hen de grootste zorg.

Een belangrijke kwestie die voortvloeit uit de uitvoering van dit beleid is hoe nomaden en boeren die hun land en middelen van bestaan hebben verloren in de toekomst een duurzaam bestaan kunnen opbouwen, met name gezien het feit dat ze slecht zijn uitgerust om op de arbeidsmarkt te concurreren met het toenemende aantal beter opgeleide Chinese arbeiders. Ontwikkelingsorganisaties die actief zijn in afgelegen delen van Tibet hebben aan ICT gemeld dat geherhuisveste nomaden zelden een opleiding in nieuwe vaardigheden ontvangen en vaak geen toegang hebben tot de gezondheidszorg of sociale voorzieningen.

Een van de belangrijkste gevolgen van de herhuisvesting van nomaden is een gebrek aan sociale cohesie, die de traditionele gemeenschappelijke nomadische levensstijl wel met zich meebrengt. Werkloosheid leidt tot ineenstorting van de gemeenschaps- en familiebanden, alcoholisme en criminaliteit. Aangezien weidegrond elders ook schaars wordt, nemen de geschillen tussen de Tibetaanse nomaden onderling toe. De top-down benadering van Peking bij de uitvoering van het beleid heeft de traditionele middelen voor het oplossen van deze conflicten door het betrekken van lokale invloedrijke personen, zoals de Tibetaanse lama's, ondermijnt.

De milieueffecten van het Chinese ‘weidegronden beleid’ zijn eveneens verontrustend. Ironisch genoeg kan Pekings beleid van 'tuimu huancao', of het 'terugtrekken uit de weide om weidegronden te herbegroeien' en het omheinen van de graslanden, zelfs bijdragen aan verdere afbraak. Volgens graslandspecialisten moet de veestapel mobiel worden gehouden om aantasting van het milieu te voorkomen en de gezondheid van weidegronden te behouden, wat de grondslag is voor extensieve veehouderij-systemen over de hele wereld. Traditioneel waren de Tibetaanse graslanden niet omheind en praktiseerden nomaden seizoensgebonden migratie, waarbij voldoende tijd gelaten werd voor herstel van de weidegronden. Echter, onder het beleid van relocatie en afbakening, is hun vee beperkt in hun beweging en is het land om te grazen begrensd, wat leidt tot overbegrazing en verdere achteruitgang. (Voor meer informatie over het milieu in Tibet, zie ICT briefing paper "The World's 'Third Pole:'. Tibet and Climate Change").

Volgens een rapport van de Tibetaanse regering in ballingschap "hebben Tibetanen traditioneel een intuïtief respect voor de natuurlijke grenzen van wat het land kan hebben… In plaats van te proberen de natuur te overwinnen, hebben de Tibetanen hun levensstijl aangepast aan de natuurlijke omstandigheden. Zij worden niet gedreven door hebzucht of een constante drang naar een verhoogde opbrengst, maar door de behoeften van deze generatie en komende generaties om te overleven - wat, in moderne taal, duurzaamheid betekent" (Het volledige verslag is beschikbaar onder: [2])

In werkelijkheid beschouwen de Chinese autoriteiten de nomadische veeteelt als 'onwetenschappelijk' en ‘modernisering behoevend’, waarbij ze de achteruitgang van graslanden in de Tibetaanse gebieden vaak toeschrijven aan de 'weinig ontwikkelde' praktijken van Tibetaanse nomaden. Deze perceptie, die uitsluitend gericht is op het belang van economische ontwikkeling en de weidegronden eenvoudigweg afschildert als een middel om vee te houden, leidt tot de marginalisering van de expertise van de Tibetaanse visie op het beheer van de graslanden en houdt geen rekening met de waarden van de inheemse herderspopulaties, noch met de betrokkenheid van nomaden als beheerders van het land waarvan ze afhankelijk zijn.

Het herhuisvestigingbeleid wordt meestal uitgevoerd zonder overleg of instemming van de plaatselijke bevolking, zij hebben geen recht om dit aan te vechten of om te weigeren hieraan deel te nemen. Dit, ondanks het feit dat de Chinese wet vereist dat degenen die moeten worden verplaatst van hun land of van wie de eigendommen in beslag worden genomen, geraadpleegd moeten worden, en als ze worden verplaatst, gecompenseerd moeten worden voor hun geleden schade.

Functionarissen noemen milieubehoud en economische ontwikkeling als de toonaangevende drijfkracht achter herhuisvesting van nomaden, maar het bijkomende element van administratieve controle over de bewegingen van mensen en hun levensstijl is ook een belangrijke prioriteit voor de overheid. Het nomadenbeleid vertegenwoordigt de verdere consolidatie van gecentraliseerde macht en de uitbreiding van Pekings controle over de verre uithoeken van het Tibetaanse plateau. Bovendien delen de meeste Chinese autoriteiten het standpunt dat als Tibetanen rijker worden, hun geloof in religie en hun steun voor de Dalai Lama zal vervagen, waarbij verwezen wordt naar de officiële lijn van het waarborgen van politieke 'stabiliteit' door middel van het tegengaan van 'separatisme' door ontwikkeling.

China loopt tot dusverre achter in haar inspanningen om de snelheid van de achteruitgang van het grasland tot staan te brengen en de ecologische duurzaamheid onder de nomadische bevolking te bevorderen. Weidegrondenexperts zeggen dat de redenen voor dit falen complex zijn, maar samenhangen met verkeerde beleidsmaatregelen. Graslanddegradatie kan alleen worden gestopt en teruggedraaid worden door onderzoek naar de krachten die de mensen, die gebruik maken van de graslanden, beïnvloeden. Indien het onderzoek zinvol wil zijn, dan moet het participerend zijn en moeten de plaatselijke Tibetanen daarbij betrokken worden: duurzaam gebruik van weidegronden in het heel westelijk China is uiteindelijk afhankelijk van de input en participatie van de gebruikers van het land op lokaal niveau. Experts met een lange ervaring in het werken met Tibetaanse nomaden zeggen dat er een reëel risico aanwezig is dat de nomadische manier van leven zal worden aangetast, of zelfs vernietigd, als gevolg van moderne ideeën als ‘ontwikkeling’ gebaseerd op gebrekkige kennis, negatieve stereotypen, en onbeproefde veronderstellingen.

Voor een diepgaand beeld van het nomadenbeleid van China in Tibet, zie de volgende, online beschikbare analyses :

Links:
[1]   Tracking the Steel Dragon
[2]   Tibet: A Human Development and Environment Report
[3]   Searching for Grass and Water: Tibet’s Last Nomads
[4]   Restoring the Grasslands?

DONEER AAN ICT!